Online Trends, Tips & Tricks

Coachen moet dus zó! 3 belangrijke kernvragen

Coach. De meest genoemde functietitel op LinkedIn. Maar ook een verguisde term, omdat velen de fijne kneepjes van de taak niet kennen. Daarom vat ik ze samen in een snelkookpan.

Als coach schud je niet zo maar voorgebakken adviezen uit je mouw. Het is aan te raden om eerst veel, ja héél veel te luisteren en daarna pas te beginnen met praten. Wanneer je slimme vragen stelt, stimuleer je jouw gesprekspartner om informatie los te laten waar je als coach iets mee kunt.

Tijd besparen, tot de kern komen

Daarom heeft de ervaren adviseur Amerikaan Michael Bungay Stanier zijn populaire boek ‘Maak van coachen een gewoonte‘ (aff.) opgebouwd aan de hand van zeven essentiële, kernachtige coachvragen. “Dankzij deze vragen kom je direct ter zake, dwaal je niet af, bespaar je jezelf en anderen zeeën van tijd, bereik je de kern van elk probleem en zorg je dat je leermoment beklijft”, aldus de achterflap van het boek. Ik pik er drie vragen uit die een stevige basis vormen voor een goed coachingsgesprek.

1. De focusvraag

Elke vorm van coaching begint bij het uitgebreid uitvragen van de huidige situatie van de persoon die je tegenover je hebt. Zodra je erachter bent welke zaken, gedragingen en thema’s jouw cliënt allemaal bezighouden, is het cruciaal om focus aan te brengen. De vraag die daar perfect voor is, luidt: wat is hier voor jou het échte probleem? 

Doorgraven loont de moeite

Deze ‘focusvraag’ voorkomt dat je energie steekt in het oplossen van het verkeerde probleem. Het gebeurt nogal eens dat jij als coach (of als coachend leidinggevende) iemand tegenover je krijgt die zijn/haar ‘ontwikkelwens’ zelf al tamelijk scherp op het netvlies heeft. Dat klinkt als een fijn uitgangspunt, maar als coach heb je de verplichting om door te graven naar de wáre achterliggende behoefte.

Haastige spoed is zelden goed

“Als iemand begint te vertellen over een probleem, onthoud dan dat dit vrijwel nooit het daadwerkelijke probleem is”, schrijft Stanier. De auteur schetst de hevige gevolgen van een overhaaste start van een coachingstraject, op basis van zo’n eigen inschatting van de deelnemer.

Allereerst is de kans dus groot dat je alle aandacht richt op een ‘schijn-probleem’. Bovendien kom je in de verleiding om zélf dit probleem op te lossen (in plaats van het inspireren van de cliënt of medewerker om dit zelf te doen). Ten derde zal het werk onherroepelijk vastlopen, omdat de werkelijke pijnpunten blijven bestaan. 

Stop het voorgekookte of talrijke

De algemene vraag ‘Wat is het probleem?’ levert al gauw voorgekookte antwoorden op die niet diep genoeg graven. Ook kan er een opsomming van problemen ontstaan, die zo ver uitwaaiert dat je het overzicht kwijtraakt (en je het negativisme te veel ruimte geeft).

Voorkom geroddel en geklaag

Vandaar de twee toevoegingen ‘échte’ en ‘voor jou’. Met het woordje ‘échte’ daag je de ander uit om iets langer na te denken over de situatie. Zo’n moment van bezinning levert meer diepgang op. De simpele aanvulling ‘voor jou’ maakt het gesprek direct persoonlijker. Zo verzand je niet in geroddel over anderen of geklaag over het proces, maar houd je de focus bij de mens in kwestie.

2. De fundamentele vraag

Vervolgens moet je een brug slaan tussen probleem en behoefte. Om tot de kern te komen, heeft iedere coach de taak om het antwoord te achterhalen op de ‘fundamentele vraag’. Die luidt: ‘Wat wil jij?’ (En dan is ‘jij’ natuurlijk degene die jij coacht, niet jijzelf.) 

Wens versus behoefte

Hier speelt het cruciale verschil tussen ‘wens’ en ‘behoefte’. Stanier haalt de Amerikaanse psycholoog Marshall Rosenberg aan. Die ontwierp ooit het model van ‘geweldloze communicatie’, een wijze van communiceren die gericht is op het tegemoetkomen aan ieders behoeften en het vermijden van moralistische oordelen. 

Kleurrijke krochten

Een wens (‘ik wil’) ligt volgens Rosenberg aan de oppervlakte, maar een behoefte (‘ik heb nodig’) behelst een dieperliggende drang. Weet je die bloot te leggen? Dan betreed je de kleurrijke krochten van de menselijke drijfveer die achter de wens schuilgaat. Koren op de molen van een goed coachingstraject!

Universele behoeften

Zo’n diepe drang kun je altijd koppelen aan één van volgende de universele behoeften:

  • Affectie
  • Creatie
  • Ontspanning
  • Vrijheid
  • Identiteit
  • Begrip
  • Participatie
  • Bescherming
  • Bestaansrecht

Door de fundamentele vraag te stellen kom jij of degene die je coacht erachter welke behoefte er schuilgaat. Zo kun je gerichter op deze behoefte coachen. 

3. De strategische vraag

Een andere vraag die je als coach moet stellen, heeft alles te maken met time management en prioriteiten. Hij luidt: “Als je hier ‘ja’ tegen zegt, waar zeg je dan ‘nee’ tegen?”

Tijd en energie zijn eindig

Maak je cliënt bewust van de eindigheid van zijn tijd en energie. Alle dagen zitten tot de nok toe gevuld met actiepunten, taken, vergaderingen, (social)media-activiteiten en gesprekken. Willen jullie samen een serieus coachingstraject starten? Dan moeten jullie daar tijd voor creëren. 

Praktisch en dwingend

Deze vraag is zó praktisch en dwingend ingestoken, dat hij hard binnenkomt en grondig nadreunt. Het stimuleert iemand om te rade te gaan bij zichzelf, bij zijn/haar baas of collega’s, met als doel deze coaching nadrukkelijk op de agenda te zetten. Het is niet iets wat er ‘even’ bij komt. Integendeel, het is iets waarvoor je ruimte opeist. Waarvoor je andere taken terzijde schuift. Alleen dát al geeft aan hoe serieus je deze ontwikkeling neemt.

Beide zijden van het spectrum

Coaching is een serieuze zaak. Of je nou aan de ontvangende of uitdelende kant zit. Los van hoeveel ervaring je aan beide zijden van het spectrum hebt: het blijft boeiend om je in deze materie te verdiepen.

Wat je nodig hebt

Het boek van Michael Bungay Stanier staat vol met wetenschappelijke wijsheid, vele praktische tips, enkele rake voorbeelden en een fijne lijst bronnen. Hij weet kort en krachtig uiteen te zetten wat je nodig hebt.  

Amerikaanse stijl

Echter, de schrijfstijl is nogal Amerikaans, dus daar moet je wel ‘doorheen’ kunnen lezen. Aan het begin van het boek bestempelt de auteur zijn lezers als mensen die coaching al vaak en hard hebben geprobeerd, maar dat ze er natuurlijk nooit in geslaagd zijn. En raad eens wie ons de wijsheid gaat bijbrengen…

Het boek opent met een reeks reviews met loftuitingen aan het adres van Michael. Tevens prijst hij zelf zowat alle aangehaalde auteurs de hemel in als regelrechte helden. En ja, je leest het goed op de kaft: ‘Het bestverkochte coachingsboek van de 21ste eeuw’. Mét een uitroepteken. 

Buzzwaardig

Kortom, er is een hele hoop buzz rond dit boek (dat overigens een heruitgave is van het boek ‘De coachmethode’). En terecht. Het is een prima boek dat coaches die goed bezig zijn overtuigt van hun ingeslagen weg. En coaches die open staan voor wat coaching, de nodige coaching biedt. Scherp je coachingsstijl aan: praat minder, vraag meer. 


Source: Frankwatching
Coachen moet dus zó! 3 belangrijke kernvragen